Naar inhoud springen

William Barksdale

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
William Barksdale
William Barksdale
Bijnaam "Old Barks"[1]
Geboren 21 augustus 1821
Smyrna, Tennessee
Overleden 3 juli 1863
Gettysburg, Pennsylvania
Rustplaats Greenwood Cemetery
Jackson, Mississippi
Land/zijde Verenigde Staten

Geconfedereerde Staten van Amerika

Onderdeel United States Army

Confederate States Army

Dienstjaren 1847-1848 (USA)
1861-1863 (CSA)
Rang Kapitein (USA)
Brigadegeneraal (CSA)
Eenheid 2nd Mississippi Infantry (USA)
Bevel 13th Mississippi Infantry (CSA)
Barksdale's Mississippi Brigade
Slagen/oorlogen Mexicaans-Amerikaanse Oorlog

Amerikaanse Burgeroorlog

William Barksdale
lid van Huis van afgevaardigden voor Mississippi en het 3e congresdistrict
Aangetreden 4 maart 1855
Einde termijn 21 januari 1861
Voorganger Otho R. Singleton
Opvolger Henry W. Barry
lid van Huis van afgevaardigden voor Mississippi
Aangetreden 4 maart 1853
Einde termijn 3 maart 1855
Voorganger geen voorganger
Opvolger oprichting van 3e congresdistrict van Mississippi
Portaal  Portaalicoon   Politiek

William Barksdale (Smyrna, 21 augustus 1821 – Gettysburg, 3 juli 1863) was een Amerikaans advocaat, krantenredacteur, politicus en militair. Hij zetelde tussen 1853 en 1861 in het Huis van afgevaardigden. Hij was een sterke voorstander van rechten voor de individuele staten en secessie. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog diende hij in het Confederate States Army als brigadegeneraal. Hij sneuvelde tijdens de Slag bij Gettysburg.

William Barksdale werd geboren op 21 augustus 1821 in Smyrna, Tennessee. Hij was de zoon van William Barksdale en Nancy Hervey Lester en oudere broer van Ethelbert Barksdale die eveneens een politieke loopbaan uitbouwde. De familie Barksdale waren afstammelingen van Engelse immigranten die zich in de jaren 1600 in de nieuwe wereld vestigden.[2]

Na zijn schooltijd studeerde Barksdale klassieke talen aan de University of Nashville [3] Op zestienjarige leeftijd verhuisde hij met zijn broers naar Mississippi. Hij studeerde er rechten en opende een advocatenkantoor. Na korte tijd stopte hij echter als advocaat om krantenredacteur voor de Columbus Democrat te worden. Deze krant was voor de slavernij.[3]

Na het uitbreken van de Mexicaans-Amerikaanse Oorlog nam Barksdale dienst als vrijwilliger bij het 2nd Mississippi Infantry Regiment. Hij werd benoemd tot kapitein en kwartiermeester.[3] In 1849 huwde Barksdale met Narcissa Saunders uit Louisiana.

Politieke loopbaan

[bewerken | brontekst bewerken]

Na de oorlog werd Barksdale actief in de politiek en zette hij zich in voor het Compromis van 1850. In 1852 stelde hij zich verkiesbaar en werd verkozen in het Huis van afgevaardigden. Hij zetelde in dit bestuurslichaam tot begin 1861.[3] Barksdale liet zich al snel opmerken in de debatten over slavernij en lagere tarieven. Hij werd beschouwd als een van de voornaamste "Fire-Eaters", een groep radicale Democraten met zeer sterke Zuidelijke sympathieën. [3]

Op 5 februari 1858 was Barksdale onbedoeld de persoon die het lot uit het kruidvat haalde bij een van de meer gewelddadige incidenten in het Huis van Afgevaardigden. Een woordenwisseling tussen voor-en tegenstanders van de slavernij mondde uit in een vuistgevecht. Barksdale probeerde Elihu Washburne uit Illinois te slaan. Washburnes broer, Cadwallader hield Barksdale tegen waardoor zijn pruik op de grond viel. Barksdale zetten zijn pruik per ongeluk achterstevoren op zijn hoofd waardoor de vechtersbazen stopten en lachten met Barksdale.[4]

Amerikaanse Burgeroorlog

[bewerken | brontekst bewerken]

Na de secessie van Mississippi op 9 januari 1861 nam Barksdale ontslag uit het Huis van Afgevaardigden. Hij nam dienst in de Mississippi Militia en werd aangesteld als adjudant-generaal. Op 1 maart 1861 kreeg hij de functie van kwartiermeester-generaal met de rang van brigadegeneraal. Twee maanden later, op 1 mei, werd hij benoemd tot kolonel van het 13th Mississippi Infantry Regiment in het Confederate States Army. Barksdale voerde zijn regiment aan tijdens de Eerste Slag bij Bull Run in juli en de Slag bij Ball's Bluff in oktober.

In het voorjaar van 1862 nam zijn regiment deel aan de Schiereilandveldtocht en de Zevendagenslag. Tijdens de Slag bij Savage's Station, op 29 juni, raakte brigadegeneraal Richard Griffith gewond. Barksdale nam het bevel van de brigade op zich. Zijn eerste opdracht was het bestormen van de Noordelijke stellingen op Malvern Hill die met veel verliezen voor zijn brigade werd afgeslagen. Op 12 augustus 1862 werd Barksdale bevorderd tot brigadegeneraal en werd zijn brigade de "Barksdale's Mississippi Brigade" genoemd.

Tijdens de Veldtocht in noordelijk Virginia bewaakte de brigade van Barksdale Harpers Ferry en zou dus niet deelnemen aan de Tweede Slag bij Bull Run. Ter voorbereiding van Robert E. Lees invasie van Maryland werd Barksdales brigade toegevoegd aan de divisie van generaal-majoor Lafayette McLaws in het First Corps, Army of Northern Viriginia onder luitenant-generaal James Longstreet. Zijn brigade was instrumenteel in de aanval op de Maryland Heights die zou leiden tot de overgave van het Noordelijke garnizoen in Harpers Ferry. In de daaropvolgende Slag bij Antietam beschermde McLaws divisie de West Woods tegen de herhaalde aanvallen van de Noordelijke divisie onder leiding van generaal-majoor John Sedgwick. Tijdens de Slag bij Fredericksburg in december 1862 beschermde Barksdale de oever van de Rappahannock terwijl de Noordelijke genie een pontonbrug over de rivier probeerde te bouwen.[5]

De cenotaaf van brigadegeneraal Barksdale in Greenwood Cemetery in Jackson, Mississippi

In mei 1863 was de brigade van Barksdale een van de weinige brigades uit Longstreets korps die aanwezig was tijdens de Slag bij Chancellorsville. De rest van het korps was gedetacheerd naar Suffolk, Virginia. Opnieuw verdedigde Barksdales brigade de heuvels rond Fredericksburg nu tegen het Noordelijke VI Corps onder leiding van generaal-majoor John Sedgwick. Dit korps was zes keer groter dan zijn brigade. Door de succesvolle Noordelijke aanval diende Barksdale zich terug te trekken. Hij hergroepeerde zijn manschappen en heroverde de volgende dag het verloren gegane terrein.

Tijdens de Slag bij Gettysburg bereikte McLaws divisie, met de brigade van Barksdale, het slagveld in de nacht van 1 op 2 juli 1863 toen de eerste dag van strijd reeds gestreden was. Het plan van generaal Robert E. Lee voor de volgende dag bestond eruit dat Longstreets korps via de Emmitsburg Road zou aanvallen om de Noordelijke linkerflank op te rollen. Barksdale brigade zou Peach Orchard moeten aanvallen die verdedigd werd door het Noordelijke III Corps.

Om 5u30 in de ochtend rukte zijn brigade op vanuit de nabijgelegen bossen en viel de Noordelijke defensieve linie aan. Het werd door de aanwezigen als een adembenemend spektakel omschreven. Een Noordelijk kolonel schreef later: "Het was de grootste charge die ooit werd uitgevoerd door een sterveling."[6] Hoewel Barksdale zijn officieren had bevolen om te voet te vechten, zat hij als enige op zijn paard om de troepen in de voorhoede te leidden.[7]

De Zuidelijken versloegen de Noordelijke brigade en namen hun bevelhebber gevangen. Enkele regimenten trokken verder en vernietigden de divisie van generaal-majoor Andrew A. Humphreys. Pas na 1,5 km voerde kolonel George L. Willard een tegenaanval uit. Barksdale raakt gewond aan zijn linkerknie. Daarna werd hij geraakt door een kanonskogel aan zijn linkervoet en werd hij door een kogel in de borst geraakt waardoor hij van zijn paard viel. Barksdale zei aan zijn adjudant, W. R. Boyd, dat hij stervende was en vroeg om zijn vrouw en kinderen te vertellen dat hij al strijdend tenonder was gegaan. Zijn manschappen lieten hem voor dood achter.

Hij werd gevonden door Noordelijke soldaten en naar een veldhospitaal gebracht. Barksdale overleed de volgende ochtend, op 3 juli, aan zijn verwondingen. Hij werd initieel begraven onder een boom in de tuin van het hospitaal (de boerderij van Joseph Hummelbaugh). Op zijn houten grafsteen stonden de woorden: “Brigadegeneraal Barksdale van McLaw’s Division, Longstreets Corps overleed in de ochtend van 3 juli 1863. Was acht jaar congreslid. Getroffen door een kogel in de linker borststreek en had een gebroken been.”[1]

In januari 1867 werd zijn stoffelijk overschot opgegraven en naar South Carolina overgebracht.[1]. Uiteindelijk werd hij begraven op het Greenwood Cemetery in Jackson, Mississippi.[1]

Lijst van generaals in de Amerikaanse Burgeroorlog (Confederatie)