Naar inhoud springen

handschrift

Uit WikiWoordenboek
  • hand·schrift
enkelvoud meervoud
naamwoord handschrift handschriften
verkleinwoord handschriftje handschriftjes

het handschrift o

  1. de manier waarop iemand met de hand schrijft
    • Een forensisch expert vergeleek de handschriften. 
    ▸ Het gejaagde handschrift leunt naar voren en helt gretig in de richting van de punt.[1]
    ▸ Nella's hart springt op omdat ze denkt dat de miniatuurmaakster haar iets nieuws heeft gestuurd, maar het handschrift op de enveloppe maakt haar al melancholiek voordat ze de brief openmaakt.[1]
  2. een met de hand geschreven boekwerk
    • Men heeft een tot nu toe onbekend handschrift van de filosoof gevonden. 
    • Vorige week was er op Catawiki een online-veiling met handschriften en eerste drukken van de verzamelaar, reiziger, schrijver en programmamaker Büch. Onder de parafernalia ook twee ingelijste fineliner-tekeningetjes van Drost: inderdaad fijn en vrolijk. [2] 
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]
  1. 1 2
    Jessie Burton vert. Mieke Trouw-Luyckx
    “Het huis aan de gouden bocht” (2014), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789021809526
  2. ↑ de Volkskrant Arjan Peters5 december 2015 In depressieve Plinius Pinguïn een zelfportret zien
  3. ↑ Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be