Naar inhoud springen

dioptrie

Uit WikiWoordenboek
  • di·op·trie
  • In de betekenis van ‘eenheid van sterkte van lenzen’ voor het eerst aangetroffen in 1912 [1]
  • Ontleend aan Frans dioptrie [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord dioptrie dioptrieën
verkleinwoord - -

dedioptriev [3]

  1. (optica) (eenheid) eenheid waarin de sterkte van lenzen en spiegels wordt uitgedrukt (het omgekeerde van de brandpuntsafstand f)
74 %van de Nederlanders;
83 %van de Vlamingen.[4]
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  dioptrie     la dioptrie     dioptries     les dioptries  

dioptrie v

  1. (optica) (eenheid) dioptrie