Naar inhoud springen

keus

Uit WikiWoordenboek
  • keus
  • In de betekenis van ‘het kiezen’ aangetroffen vanaf 1300 [1]
  • [2] [3]
enkelvoud meervoud
naamwoord keus keuzen
keuzes
verkleinwoord keusje keusjes

dekeusv

  1. gelegenheid om óf het een óf het ander te nemen
     Uiteindelijk viel de keus op You Only Live Twice.[4]
     Het water dat ik in Zuid-Californië tegenkwam was niet altijd even geweldig, het was vaak stilstaand en groenig van kleur. Veel keus had ik echter niet, want het was soms het enige water in de wijde omtrek.[5]
     'Ik denk dat ik geen keus heb.[6]
  2. uitsteeksel, pen, pin

dekeusmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord keu
99 %van de Nederlanders;
95 %van de Vlamingen.[7]
  1. "keus" in:
    Sijs, Nicoline van der
    , Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org
    ; ISBN 90 204 2045 3
  2. keus op website: Etymologiebank.nl
  3. keus op website: Etymologiebank.nl
  4. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  5. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  6. Marion Pauw e.a.
    “4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
  7. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be