scherpte
Uiterlijk
- scherp·te
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | scherpte | scherpten scherptes |
| verkleinwoord | scherptetje | scherptetjes |
de scherpte v
- mate van scherpheid
| vervoeging van |
|---|
| scherpen |
scherpte
- enkelvoud verleden tijd van scherpen
- Ik scherpte.
- Jij scherpte.
- Hij, zij, het scherpte.
- Ik scherpte.
- Het woord scherpte staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "scherpte" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ scherpte op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 of 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -te in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %