Naar inhoud springen

omvatten

Uit WikiWoordenboek
  • om·vat·ten
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
omvatten
omvatte
omvat
zwak -t volledig

omvatten

  1. overgankelijk binnen zich insluiten
    • De les omvatte ook een oefening van de geleerde oplosbaarheidsregels. 
    ▸ Kleine bliksemstraaltjes omvatten het koper als een warme hand.[1]
    ▸ Het is vrij lastig om de volle betekenis ervan te begrijpen als een werk waarin een enkele mens heeft geprobeerd om beknopt de onderscheidende kenmerken van alle genera en alle soorten dieren en planten op het aardoppervlak en in de wateren te omvatten en vast te leggen.[2]
vervoeging van
omvatten

omvatten

  1. meervoud verleden tijd van omvatten
    • Wij omvatten. 
    • Jullie omvatten. 
    • Zij omvatten. 
99 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]
  1. ↑
    Lex Paleaux
    “Liften naar de hemel” (2026), Ambo/Anthos uitgevers op Wikipedia, ISBN 9789026374715
  2. ↑
    Jason Roberts
    “Al wat leeft” (2025), Hollands Diep, ISBN 9789048848348
  3. ↑ Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be