omvatten
Uiterlijk
- om·vat·ten
- samenstelling van om bw en vatten ww
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| omvatten |
omvatte |
omvat |
| zwak -t | volledig | |
omvatten
- overgankelijk binnen zich insluiten
- De les omvatte ook een oefening van de geleerde oplosbaarheidsregels.
- ▸ Kleine bliksemstraaltjes omvatten het koper als een warme hand.[1]
- ▸ Het is vrij lastig om de volle betekenis ervan te begrijpen als een werk waarin een enkele mens heeft geprobeerd om beknopt de onderscheidende kenmerken van alle genera en alle soorten dieren en planten op het aardoppervlak en in de wateren te omvatten en vast te leggen.[2]
| vervoeging van |
|---|
| omvatten |
omvatten
- meervoud verleden tijd van omvatten
- Wij omvatten.
- Jullie omvatten.
- Zij omvatten.
- Wij omvatten.
- Het woord omvatten staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "omvatten" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ Lex Paleaux“Liften naar de hemel” (2026), Ambo/Anthos uitgevers
, ISBN 9789026374715 - ↑ Jason Roberts“Al wat leeft” (2025), Hollands Diep, ISBN 9789048848348
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-t) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Onscheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %